Wat Wenen ons leert over de toekomst van zorgvastgoed

“Wonen, welzijn, zorg – in die volgorde”

Studiereis Wenen

Tijdens een studiereis naar Wenen eind 2025 zagen senior adviseur Antoinette van Alphen en senior adviseur zorgvastgoed Carolien Vermaas hoe anders je naar zorg kunt kijken als je welzijn als vertrekpunt neemt. Dat heeft ook gevolgen voor de manier waarop je vastgoed inzet, betogen ze.

Carolien: “De reis naar Wenen was onderdeel van een tiendaagse masterclass, waarbij we ook in Nederland projecten bezochten en bespraken. We waren met een groep bestuurders van woningcorporaties, uit de welzijnssector en vanuit verschillende zorgdoelgroepen. Het officiële thema van deze studiereis van Coincide was wonen, zorg en welzijn.”

Wat voor studiereis was het?

Carolien: “Ja, het welzijn is in Wenen springlevend. We bezochten bijvoorbeeld een grote kringloopwinkel en een welzijnsinstelling met zo’n 6500 medewerkers. Zo’n club kan meerjarige programma’s draaien en echt innoveren. In Nederland hebben we die welzijnssector vrijwel wegbezuinigd. Toen de verzorgingshuizen dichtgingen, was het ook gedaan met de bingo en de sociale happenings en het gezamenlijk eten. En ook voor welzijnswerk in de wijken kwam steeds minder budget.”

Welzijn vóór zorg dus?

Wonen, welzijn, zorg. Dat is de volgorde die we overal terugzagen.”

Carolien Vermaas

Antoinette: “Wij zeggen weleens: een onsje welzijn scheelt een kilo zorg. Dat hebben we echt wel weer gevoeld en gezien in Wenen. In Oostenrijk denken en handelen ze vanuit gezondheidsdoelen, niet vanuit ziektebeelden. In Nederland steken we ons geld in een duur zorgsysteem voor het zieke individu. In Oostenrijk geven ze hun geld uit aan een gezond collectief. Dat is echt een andere manier van denken.”

Wat missen we door die wegbezuiniging van het welzijnswerk?

Antoinette: “Welzijn is deels een mentaliteit. Zijn mensen bereid om voor elkaar te zorgen? Met vastgoed kun je dat sturen. In Wenen zagen we bijvoorbeeld veel sociale woningbouw die er heel anders uitziet dan op de meeste plekken in Nederland. Er zijn ruimtes waar mensen samen kunnen eten, bewoners onderhouden gezamenlijk een tuin op het dakterras en er is kinderopvang geregeld. Sommige gebouwen hebben zelfs een bioscoop, sportfaciliteiten of een zwembad. Dat soort voorzieningen zie je bij ons niet in sociale woningbouw, terwijl ze juist interactie stimuleren en het zorgen voor elkaar makkelijker maken.”

Wat is de relatie met vastgoed?

Carolien: “In Oostenrijk gaat een vast percentage van het BNP naar sociale woningbouw. De inkomensgrens voor sociale huur ligt ook veel hoger. Mensen uit alle lagen van de samenleving wonen in sociale complexen bij elkaar. Daardoor zit er ook geen stigma op sociale woningbouw, zoals in Nederland.”

Hoe krijgen ze dat in de sociale sector voor elkaar?

Carolien: “Het helpt mij meer denken vanuit die overkoepelende gezondheidsopgave. We zitten vaak om de tafel met zorgorganisaties over hun langetermijnvisie. Daar kunnen we het veel meer hebben over de samenwerking met welzijnspartijen. Die kunnen voorkomen – of vertragen – dat mensen in de zorg terechtkomen. Daar wordt nauwelijks over nagedacht, omdat zorgorganisaties hun eigen zorgverlening centraal stellen. Maar je bent er als zorgorganisatie niet om jezelf in stand te houden. Dat besef is er binnen de zorg nog heel weinig.”

Die bredere blik blijft niet beperkt tot strategie of visie, maar werkt ook door in heel concrete keuzes. Bijvoorbeeld in de manier waarop organisaties hun vastgoed inzetten. Antoinette: “Bij vastgoedadvisering kun je in ingaan op de vraag hoe je het netwerk van je cliënt nog beter kan inzetten om dat stukje welzijn binnen de muren van de organisatie te leveren. Hoe richt je je gebouw daarop in? Dan moet je met een andere bril kijken: niet naar wat het kost, maar juist naar wat het oplevert als je wél die extra ruimte creëert bijvoorbeeld.”

Carolien: ‘En uiteindelijk draait het om wat er binnen die vierkante meters gebeurt. Vastgoed is zielloos als er geen reuring ontstaat.”

Jullie adviseren vooral zorgorganisaties. Hoe komen deze inzichten daarbij van pas?

Waarom we graag op reis gaan – en hoe u daar de vruchten van plukt

AAG-ers doen regelmatig mee aan masterclasses en studiereizen. Zo verbreden we onze horizon en doen we heel praktische kennis op die we direct in de Nederlandse praktijk inzetten. In de vorige vandAAG & morgen stond het verhaal van onze bestuurder Marcel die naar Finland reisde. Daar zag hij hoe de Finnen hun zorgstelsel vanaf de grond opnieuw opbouwden. De durf en het doorzettingsvermogen die daarbij komen kijken, vond hij inspirerend; in Nederland hebben we de neiging om de ene vernieuwing op de andere te stapelen, zonder echt te kiezen voor een fundamenteel andere werkwijze. Finland leerde ons: échte verandering kan ook in Nederland, als we maar willen.

Antoinette en Carolien voegen daar met hun Weense ervaring het belang van een sterke welzijnssector aan toe. In Nederland is die vrijwel wegbezuinigd, en daarmee is het maatschappelijke accent verschoven van positieve gezondheid naar medicalisering. Onder meer met vastgoedingrepen kunnen zorgorganisaties het welzijn in Nederland een broodnodige impuls geven.

Dankzij deze ervaringen en inzichten kunnen we zorgorganisaties nog beter adviseren over de zorg van morgen. In vandAAG & morgen delen we graag onze lessen.

“Wonen, welzijn, zorg – in die volgorde”

Studiereis Wenen

Waarom we graag op reis gaan – en hoe u daar de vruchten van plukt

AAG-ers doen regelmatig mee aan masterclasses en studiereizen. Zo verbreden we onze horizon en doen we heel praktische kennis op die we direct in de Nederlandse praktijk inzetten. In de vorige vandAAG & morgen stond het verhaal van onze bestuurder Marcel die naar Finland reisde. Daar zag hij hoe de Finnen hun zorgstelsel vanaf de grond opnieuw opbouwden. De durf en het doorzettingsvermogen die daarbij komen kijken, vond hij inspirerend; in Nederland hebben we de neiging om de ene vernieuwing op de andere te stapelen, zonder echt te kiezen voor een fundamenteel andere werkwijze. Finland leerde ons: échte verandering kan ook in Nederland, als we maar willen.

Antoinette en Carolien voegen daar met hun Weense ervaring het belang van een sterke welzijnssector aan toe. In Nederland is die vrijwel wegbezuinigd, en daarmee is het maatschappelijke accent verschoven van positieve gezondheid naar medicalisering. Onder meer met vastgoedingrepen kunnen zorgorganisaties het welzijn in Nederland een broodnodige impuls geven.

Dankzij deze ervaringen en inzichten kunnen we zorgorganisaties nog beter adviseren over de zorg van morgen. In vandAAG & morgen delen we graag onze lessen.

Tijdens een studiereis naar Wenen eind 2025 zagen senior adviseur Antoinette van Alphen en senior adviseur zorgvastgoed Carolien Vermaas hoe anders je naar zorg kunt kijken als je welzijn als vertrekpunt neemt. Dat heeft ook gevolgen voor de manier waarop je vastgoed inzet, betogen ze.

Carolien: “De reis naar Wenen was onderdeel van een tiendaagse masterclass, waarbij we ook in Nederland projecten bezochten en bespraken. We waren met een groep bestuurders van woningcorporaties, uit de welzijnssector en vanuit verschillende zorgdoelgroepen. Het officiële thema van deze studiereis van Coincide was wonen, zorg en welzijn.”

Wat voor studiereis was het?

Carolien: “Ja, het welzijn is in Wenen springlevend. We bezochten bijvoorbeeld een grote kringloopwinkel en een welzijnsinstelling met zo’n 6500 medewerkers. Zo’n club kan meerjarige programma’s draaien en echt innoveren. In Nederland hebben we die welzijnssector vrijwel wegbezuinigd. Toen de verzorgingshuizen dichtgingen, was het ook gedaan met de bingo en de sociale happenings en het gezamenlijk eten. En ook voor welzijnswerk in de wijken kwam steeds minder budget.”

Welzijn vóór zorg dus?

Wonen, welzijn, zorg. Dat is de volgorde die we overal terugzagen.”

Carolien Vermaas

Antoinette: “Wij zeggen weleens: een onsje welzijn scheelt een kilo zorg. Dat hebben we echt wel weer gevoeld en gezien in Wenen. In Oostenrijk denken en handelen ze vanuit gezondheidsdoelen, niet vanuit ziektebeelden. In Nederland steken we ons geld in een duur zorgsysteem voor het zieke individu. In Oostenrijk geven ze hun geld uit aan een gezond collectief. Dat is echt een andere manier van denken.”

Wat missen we door die wegbezuiniging van het welzijnswerk?

Antoinette: “Welzijn is deels een mentaliteit. Zijn mensen bereid om voor elkaar te zorgen? Met vastgoed kun je dat sturen. In Wenen zagen we bijvoorbeeld veel sociale woningbouw die er heel anders uitziet dan op de meeste plekken in Nederland. Er zijn ruimtes waar mensen samen kunnen eten, bewoners onderhouden gezamenlijk een tuin op het dakterras en er is kinderopvang geregeld. Sommige gebouwen hebben zelfs een bioscoop, sportfaciliteiten of een zwembad. Dat soort voorzieningen zie je bij ons niet in sociale woningbouw, terwijl ze juist interactie stimuleren en het zorgen voor elkaar makkelijker maken.”

Wat is de relatie met vastgoed?

Carolien: “In Oostenrijk gaat een vast percentage van het BNP naar sociale woningbouw. De inkomensgrens voor sociale huur ligt ook veel hoger. Mensen uit alle lagen van de samenleving wonen in sociale complexen bij elkaar. Daardoor zit er ook geen stigma op sociale woningbouw, zoals in Nederland.”

Hoe krijgen ze dat in de sociale sector voor elkaar?

Carolien: “Het helpt mij meer denken vanuit die overkoepelende gezondheidsopgave. We zitten vaak om de tafel met zorgorganisaties over hun langetermijnvisie. Daar kunnen we het veel meer hebben over de samenwerking met welzijnspartijen. Die kunnen voorkomen – of vertragen – dat mensen in de zorg terechtkomen. Daar wordt nauwelijks over nagedacht, omdat zorgorganisaties hun eigen zorgverlening centraal stellen. Maar je bent er als zorgorganisatie niet om jezelf in stand te houden. Dat besef is er binnen de zorg nog heel weinig.”

Die bredere blik blijft niet beperkt tot strategie of visie, maar werkt ook door in heel concrete keuzes. Bijvoorbeeld in de manier waarop organisaties hun vastgoed inzetten. Antoinette: “Bij vastgoedadvisering kun je in ingaan op de vraag hoe je het netwerk van je cliënt nog beter kan inzetten om dat stukje welzijn binnen de muren van de organisatie te leveren. Hoe richt je je gebouw daarop in? Dan moet je met een andere bril kijken: niet naar wat het kost, maar juist naar wat het oplevert als je wél die extra ruimte creëert bijvoorbeeld.”

Carolien: ‘En uiteindelijk draait het om wat er binnen die vierkante meters gebeurt. Vastgoed is zielloos als er geen reuring ontstaat.”

Jullie adviseren vooral zorgorganisaties. Hoe komen deze inzichten daarbij van pas?